Tag: Portimão

Naar de winterzon met Vacansoleil – Portugal! (deel 2)

Met een fonkelnieuwe rugzak (hij is van Parfois) vol verse herrinneringen begin ik enthousiast met het schrijven van deze blogpost. Vanuit onze uitvalsbasis – viersterrencamping Turiscampo in Lagos – toerden Bert en ik dagelijks rond in de Algarve. Alle dagtrips waren ongelofelijk memorabel en ik kan haast niet wachten om onze ervaringen met jou te delen. Hier onderaan kom je werkelijk álles te weten over onze driedaagse herfsttrip naar Portugal. Klaar voor een gedetailleerd reisverslag van onze dagtrips en een heuse reeks foto’s? Let’s take off!

DAG 1: Westkust + Sagres

Wanneer je Algarve zegt, zeg je onvermijdelijk Praia – het Portugese woord voor strand. Al snel blijkt het een zeer frequent gebruikte term tijdens onze eerste dagtrip want Bert en ik beslissen om een deel van de Westkust af te rijden. Onze allereerste stop is bij Praia Da Castelejo, een strand waar we meteen van dichtbij kennis maken met de (toch wel) wilde golven. De temperatuur schommelde rond 24 graden en het water was verfrissend maar allesbehalve ijskoud. We zijn nog maar net onderweg naar strand nummer twee en merken meteen dat we ons opnieuw tussen surfheren en -dames zullen begeven. Boy, deze sport is een regelrechte hit in Portugal en gelijk hebben ze met het prachtige weer. Onze boterhammen eten we op aan Praia Da Coelha waar we onze ogen opnieuw richten op tientallen surfers die moedig de wilde oceaan bespelen. Het strand vlak naast Praia da Bordeira – Praia do Amado – zal ik nooit of te nimmer vergeten. Het is een wondermooi strand met enkele leuke wandelpaden en uitzichtpunten én ik zou er voor de ogen van een twintigtal toeschouwers van de trap vallen. Ongetwijfeld het meest glamoureuze moment van onze vakantie! Ook Porto da Baleeira en Praia da Barriga passeren de revue.

We houden rond 16u de Westkust voor bekeken en rijden in een ruk door naar Sagres. Het is een vissersdorp en tegelijkertijd ook schiereiland dat uitloopt in twee kapen: de Cabo de São Vicente en de Ponta de Sagres. Cabo de São Vicente is het meest zuidwestelijke punt van Europa en wordt ook wel eens ‘het einde van de wereld’ genoemd. De kaap is 100 meter lang en de klif ruim 60 meter hoog zodat je een prachtig uitzicht hebt over de Atlantische oceaan. De kaap zelf is eigenlijk alleen het deel waar de vuurtoren staat die van groot belang is voor de scheepvaart (zie foto onderaan). Daarnaast bezoeken we ook nog de andere uitloper van het schiereiland wat Ponta de Sagres wordt genoemd. Hierop staat het fort Fortaleza do Promontório, een gebouwencomplex dat door Hendrik de Zeevaarder gebouwd werd om onder meer als zeevaartschool te dienen. Eens daar aankomen zien we dat het fort volledig gerestaureerd is, maar eerder op een barbaarse manier. De originele muren zijn met cement aangedikt waardoor er niets authentieks overblijft. We besluiten rechtsomkeer te maken.

Het volgende en tevens laatste doel van de eerste dag onze de Portugese zon? Genieten van een onvergetelijke zonsondergang in Sagres. We dolen wat rond met de wagen en stoten op een geweldig mooie locatie waar we unaniem beslissen om het wondermooie natuurverschijnsel te aanschouwen: Praia da Bordeira.

Praia da Castelejo – Westkust

 Kuieren op “praias” van de Westkust

 Praia da Coelha – Westkust

  Cabo de São Vicente

 Cabo de São Vicente

 Ponta de Sagres

 Praia da Bordeira – Sagres

 Zonsondergang in Sagres

Zonsondergang in Sagres

DAG 2: Albufeira + Portimão + Lagos

Het doel van de dag? Helemaal naar Albufeira rijden om zo over Portimão terug in Lagos te eindigen. Omdat de badstad die gekend staat voor z’n wilde feestjes ons op het laatste nippertje toch niet aanspreekt en we onze tijd optimaal willen benutten rijden Bert en ik meteen naar Praia da Galé. Het is een oogverblindend mooi strand dat gelegen is tussen Albufeira en Armacao de Pera. Het westelijke deel van het strand is breed terwijl het er in het oostelijke gedeelte smaller en rotsachtiger is. We genieten er van een zelfgemaakte lunch op het strand, kuieren wat rond en besluiten na wat wegdromen dat het tijd is om naar onze volgende stop te gaan.

Eenmaal terug in de wagen, zetten Bert en ik koers richting havenstad Portimão. Deze stad huisvest de grootste sardinesvloot van Portugal, gelegen aan de monding van de Rio Arade. Portimão is meer commercieel en industrieel dan toeristisch… En het is er vooral bekend om zijn winkels en visrestaurants. De toeristen die in de binnenstad niet talrijk zijn, zal je zeker en vast wel vinden in het aangrenzende Praia da Rocha. Dat is de officiële naam van het strand dat bij de stad Portimāo hoort, maar het wordt hier als een echte badplaats bekeken. Deze plek bezit niet voor niets de breedste stranden van de Algarve in Portugal. Het is zo onwezenlijk dat je in eind oktober, op een doodgewone dag, bijna geen kat tegenkomt. Gedaan met uitrusten, we springen in onze huurwagen en rijden naar een erg populaire, drukbezochte plaats. Hoewel ‘druk’ hier in de herfst zeer relatief is. Thank God for that.

Lagos zou een van de meest populaire steden van de Algarve zijn. De stad ligt in het westen van de Portugese Algarve op 30 kilometer afstand van het meest zuid-westelijke puntje van Europa (hier onderaan meer daarover). Lagos wordt omringd door zeven zandstrandjes die elk omgeven zijn door adembenemende rotsen. Het stadscentrum is op heuvels gebouwd en kijkt via de boulevard met palmen uit over de baai en op de vissers- en de jachthaven. Denk originele stratenpatronen, 800 jaar oude stadsmuren en historische kerkjes en gebouwen. Er hangt een opvallend ontspannen sfeer en ik durf het zelfs als “kalm” te bestempelen. In het laagseizoen dan toch.

Hoewel het stadje me niet echt warm maakt ben ik nog steeds razend benieuwd naar Ponta Da Piedade (lees: het meest zuid-westelijke puntje van Europa.) De Portugezen beweren dat het tevens ook de meest gefotografeerde rots van het land is en ik geloof dat met veel plezier. De gonsende golven die tegen de rotsen aanbonken, de billion dollar views die je hier aanschouwt… Dáár wordt een mens stil van. Bert en ik wandelen over kleine paadjes en dalen tal van steile trappen af naar enkele bijzondere uitzichtpunten. Eens terug bovenop de rots, begeeft het lief zich op de smalste paadjes die omringd worden door de meest bangelijke afgronden. Ik pas liever voor die bewuste plaatsjes want ik heb kippenvel tot achter mijn oren. Een roekeloze waaghals mag ik dan wel niet zijn, unieke uitzichten heb ik zéker en vast gezien (zie foto’s onderaan). Stiekem vind ik de cliffs hier zó veel spectaculairder dan degene die we tegenkwamen op onze reis naar Normandië tijdens de zomer van 2015. Met deze gedachte keren we terug naar onze geliefde stacaravan en maken we er een gezellige wine & dine avond van.

 Praia da Galé

Portimão

De kleurrijke boulevard van Portimão

 De pittoreske boulevard in Lagos

 Lagos stadscentrum

Ponta da Piedade – onderaan de rots (het meest zuid-westelijke punt van Europa)

Ponta da Piedade – halfweg de rots (het meest zuid-westelijke punt van Europa)

DAG 3: Alvor + Carvoeiro + Silves

De derde dag knutselen we ongelofelijk impulsief in elkaar. Bert stelt voor om langs enkele kleine steden en dorpen te rijden die we de vorige twee dagen gepasseerd zijn zonder de tijd namen om te stoppen. Oh, van impulsiviteit gesproken… Vlak voor we onze vakantiewoning verlaten, kom ik via het wereldwijde web nog een leuke plek tegen. De naam luidt ‘Algar Seco’ en het zou voor mij het hoogtepunt van onze derde dag worden. Bert en ik zetten koers richting Alvor, Carvoeiro en Silves. Vamos!

We rijden vanuit ons verblijf – camping Turiscampo in Lagos – in een ruk door naar het bekendste strand van het Alvor – Praia da Alvor. Het is een idyllisch, lang uitgestrekt zandstrand omring met duinen. Tot onze grote verbazing loopt er zodanig weinig volk rond dat het voelt alsof we er alleen aan het rond kuieren zijn. Het strand is zo gigantisch dat er zelfs op het hoogtepunt van het seizoen genoeg plaats is om er een hele dag te gaan ontspannen. De gele paraplu’s die je op onderstaande foto’s ziet blijven onaangeraakt, al komen we hier en daar wel wat wandelaars tegen.

Stop twee! Het Portugese vissersdorpje Carvoeiro ligt midden in de Algarve op ongeveer 50 minuten van Faro en 15 minuten van Portimão. Het charmante dorp ligt tussen de rotsen in en heeft geen hoogbouw, waardoor het zijn authentieke karakter heeft behouden. In de buurt zijn tal van wandelgebieden te vinden, alsook wondermooie grotten die het verkennen absoluut waard zijn… De rotsformaties van Algar Seco zijn er daar enkelen van. Een trap van maar liefst 134 treden brengt Bert en mij naar verschillende grotten en spelonken. Op deze locatie heb ik me helemaal uitgeleefd en tientallen foto’s getrokken. We hangen er meer dan een anderhalf uur rond en ik voel me precies een zevenjarig kind dat zich enthousiast uitleeft op een obstakelparcour.

We eindigen onze laatste dag in Silves – een dorpje met de kenmerkende smalle steile (lees: ongelofelijk steile) straatjes. Een bezoek aan Silves is niet compleet zonder een bezoek aan het kasteel dat tevens de belangrijkste attractie van het stadje is. De muren hebben een onregelmatige veelhoekige vorm met twaalf torens. We snappen vrijwel meteen het strategische nut van de ligging van het fort, aangezien je er kan genieten van een adembenemende uitzichten waarbij je tot ver in de omgeving kan kijken.

 Praia da Alvor

 Praia da Alvor

 Carvoeiro

 De rotsen van Algar Seco

 De rotsen van Algar Seco

De rotsen van Algar Seco

Silves

Silves

Het kasteel van Silves

Het kasteel van Silves

You made it! We zijn aan het einde mijn dagelijks reisverslag gekomen. Ik hoop van harte dat deze blogpost je van een portie handige informatie verschaft. Ben jij wel eens in Portugal geweest en wat vond jij ervan?

Eline